Het Sudanese leger lijkt de hoofdstad Khartoem weer in handen te hebben, nadat de stad twee jaar lang in de greep was van milities van de strijdgroep RSF. Wat is er over van de stad en wat betekent dit voor het conflict?

Een horrorverhaal: zo typeert Dallia Abdelmoniem wat er zich de afgelopen jaren heeft afgespeeld in haar stad Khartoem. “De milities van de RSF hebben gruwelijke mensenrechtenschendingen gepleegd, dus er is grote opluchting nu, maar ook heel veel vernietiging.”

Twee jaar geleden sprak de NOS Abdelmoniem voor het eerst. De oorlog in haar geliefde stad begon toen twee generaals, die van het regeringsleger SAF en die van de strijders van de RSF, verwikkeld raakten in een gruwelijke machtsstrijd.

De eerste dagen bleef ze nog in de hoofdstad, maar het geweld kwam steeds dichterbij. Nadat een raket haar huis raakte, vluchtte ze met haar familie. Nu volgt ze vanuit buurland Egypte het nieuws van thuis.

Gejuich op straat

“Er lijkt niet veel over van het centrum van Khartoem. Veel is kapotgeschoten en geplunderd. In grote delen is nog geen water en geen elektriciteit”, zegt Abdelmoniem. “De meeste ziekenhuizen functioneren niet. We hebben een lange weg te gaan om het weer op te bouwen.”

“Dit is niet onze oorlog”, zei Abdelmoniem twee jaar geleden, toen haar huis trilde van het wapengekletter. De burgers van Sudan wilden geen van beide generaals als machthebbers, en dat geldt voor velen nog steeds.

Maar nu is er toch vreugde dat de RSF is verjaagd en er klinkt gejuich op straat als mensen SAF-soldaten zien. “Als je mensen de keuze geeft, dan is het regeringsleger beter, omdat de misdaden tegen burgers door de RSF groter zijn. Maar ze zijn niet vergeten dat het leger ons ook deze oorlog heeft ingesleurd.”

Momentum om door te pakken

Het is een oorlog vol trauma en geweld. Vluchtelingen uit Khartoem vertelden de afgelopen jaren over verkrachtingen door de RSF-milities, executies en massale plundering. Maar een klein deel van de verhalen is opgetekend omdat de stad deels ontoegankelijk was. Abdelmoniem vreest voor wat er allemaal nog naar buiten gaat komen.

En dit is nog niet het einde, benadrukt ze. “Er is een slag gewonnen in Khartoem, maar we zijn er nog niet. We maken ons grote zorgen om het westen van het land, vooral de regio Darfur, waar de RSF veel macht heeft. Hopelijk heeft het leger nu het momentum om door te pakken, en de RSF ook daar te verdrijven.”

Hoewel veel inwoners Khartoem de afgelopen jaren zijn ontvlucht, zijn er ook achterblijvers, zoals de lokale journalist Haroun*, met wie de NOS afgelopen jaren ook contact hield. Hij had niet genoeg geld om zijn familie naar een buurland of naar een ander deel van Sudan te brengen en streek neer in Omdurman, een stad in de buurt van Khartoem, waar hij de afgelopen jaren veel bombardementen meemaakte.

“Het ging opeens heel snel de afgelopen week,” vertelt hij aan de telefoon. “Het afgelopen jaar heeft het regeringsleger veel speldenprikjes uitgedeeld. Met bewapende drones hebben ze RSF-doelen aan de overkant van de Nijl uitgeschakeld en hen zo verzwakt. Afgelopen weekend namen ze het presidentiële paleis in het centrum in. En gisteren zijn veel RSF-milities weggevlucht. Her en der zullen nog wel milities verscholen zitten, maar het leger heeft het grotendeels onder controle.”

Bevrijding

Haroun spreekt over een bevrijding. “Sudanezen voelen dat het leger hen verdedigt. We weten niet wat de toekomst brengt, maar voor nu is het resultaat dat we ons na vele jaren thuis weer veilig voelen.”

Ook ziet Haroun steeds meer terugkeerders, vooral naar Omdurman en Bahri, een andere buurstad van Khartoem waar de RSF al eerder werd verdreven. “We hopen dat we op den duur naar huis kunnen gaan”, zegt ook Abdelmoniem. “Het leven buiten Sudan is duur. Thuis is thuis, ook al is het kapot. Maar ik wacht nog even, om te kijken of het echt veilig is.”

*Haroun is niet zijn echte naam. Met het oog op zijn veiligheid wordt een pseudoniem gebruikt.

Door Haluk