De toeslagenaffaire speelde een grote rol bij de uithuisplaatsingen van kinderen uit gedupeerde gezinnen. Dat concludeert een commissie onder leiding van Mariëtte Hamer na onderzoek. Uit het rapport blijkt dat kinderen tot op de dag van vandaag kampen met de gevolgen van de uithuisplaatsing.

De commissie sprak onder anderen met enkele tientallen kinderen en ouders die zichzelf konden aanmelden voor de gesprekken. Alle door de commissie onderzochte kinderen waren waarschijnlijk niet uit huis geplaatst als de effecten van de toeslagenaffaire eerder waren aangepakt.

De effecten zijn groot en naar verwachting blijvend, stelt de commissie, al is het onderzoek niet representatief voor alle gedupeerde gezinnen met uithuisgeplaatste kinderen.

De schulden, armoede en financiële problemen die ontstonden door de toeslagenaffaire leidden er vaak toe dat de stabiliteit in het gezin verdween. Hierdoor ontstonden in de gezinnen problemen die eerder niet aan de orde waren zoals financiële stress, mentale problemen, verlies van werk, conflicten tussen partners en een verslechterde relatie tussen de kinderen en hun ouders.

Als gevolg hiervan kwamen meer ouders in aanraking met jeugdbescherming en de kinderrechter. De Raad voor de Kinderbescherming oordeelde dat voor een groep kinderen de thuissituatie niet meer veilig was, of dat kinderen werden bedreigd in hun ontwikkeling, waarna ze uit huis zijn geplaatst.

“Vaak wisten de kinderen niet eens waarom ze uit huis geplaatst werden”, zei voorzitter Hamer. “Ouders schaamden zich voor de problemen en wilden dat de kinderen er geen last van hadden. Toch voelden kinderen de schaamte. Er zijn zelfs verhalen van kinderen die hun ouders wilden gaan helpen en zo in de criminaliteit terecht zijn gekomen.”

Grote gevolgen

Volgens de commissie zijn de gevolgen voor de kinderen groot. Zo hebben sommigen hun opleiding niet af kunnen maken, is de relatie met familieleden soms beschadigd en heeft een deel blijvende mentale problemen.

“Het is niet over en gaat niet weg”, beschreef Hamer het gevoel van een van de kinderen. “Veel relaties tussen ouders en kind zijn nog steeds niet hersteld. De gevolgen zijn elke dag voelbaar.”

Ook wees Hamer erop dat dit generaties lang kan doorwerken. “De kinderen vertrouwen de overheid en de jeugdzorg niet meer. Het wantrouwen is enorm. Dit gaat ook gevolgen hebben voor hún toekomstige kinderen als die hulp nodig hebben. Het gevoel dat de overheid zo je leven kan afpakken, wordt vaak genoemd door de kinderen.”

Erkenning

De commissie wijst ook naar de hulpverlening die de problemen bij de gezinnen niet goed aanpakte. Daardoor werden problemen zoals armoede en schulden niet snel genoeg opgelost.

Als het aan de commissie ligt, moet er erkenning komen voor deze groep kinderen, waarbij ze ondersteund worden zodat ze hun leven weer op de rit krijgen. Dit moet onder meer gebeuren met een financiële vergoeding, rechtsbijstand en praktische hulp. Ook doet de commissie voorstellen voor de verbetering van de jeugdzorg, zodat het aantal uithuisplaatsingen in de toekomst fors minder wordt.

Onduidelijkheid over cijfers

Bij een deel van de vele duizenden gedupeerden van de toeslagenaffaire zijn kinderen uit huis geplaatst. Er is al jaren onduidelijk over hoeveel kinderen het precies zijn.

Volgens het CBS hebben alle gedupeerde ouders bij elkaar ruim 68.000 kinderen, maar het ministerie van Financiën heeft het over ruim 100.000 kinderen. Volgens een schatting van het CBS zijn 2090 kinderen van gedupeerde ouders gedwongen uit huis geplaatst. Het ministerie van Justitie en Veiligheid zegt dat er 3058 kinderen bij hun ouders weg zijn gehaald.

Door Haluk