De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) ziet een verband tussen het asielbeleid van het kabinet en de hevige protesten die in een aantal plaatsen worden gehouden tegen asielzoekerscentra. Met name de discussie rond de spreidingswet, die de verdeling van asielzoekers over het land regelt, speelt volgens de VNG een belangrijke rol. “Sinds de spreidingswet ter discussie is komen te staan, zijn de protesten ook weer terug”, zegt Mark Boumans, burgemeester van Doetinchem en voorzitter van de adviescommissie asiel en migratie van de VNG.
Hij wijst erop dat er tien jaar geleden ook werd geprotesteerd tegen azc’s, maar dat het “veel rustiger werd” sinds de spreidingswet van kracht is. De afgelopen weken laaiden op diverse plaatsen in het land de hevige protesten weer op, onder meer in Sint-Michielsgestel, Bedum en gisteravond in het Brabantse Best. Een bijeenkomst in een sporthal over de komst van een nieuw azc werd daar voortijdig afgebroken nadat er een protest was uitgebroken. Er werd onder meer vuurwerk afgestoken in het gebouw en er werd met eieren gegooid.
Plannen azc stilgelegd na protesten
In twee van deze gemeenten is een besluit over de komst van een azc na de protesten op de lange baan geschoven. Boumans: “Gemeentebestuurders komen onder grote druk te staan. Je ziet nu dat er meer geprotesteerd wordt en dat gemeenteraden onder druk zeggen: ‘wacht maar even met een azc’. Dat is ongewenst, want het probleem wordt er alleen maar groter door.”
Geweld en intimidatie van lokale politici noemt de VNG “nooit een oplossing.” Maar dat inwoners de discussie rond asielopvang niet meer goed kunnen volgen, begrijpt Boumans wel. Mensen worden volgens hem “opgehitst” door landelijke politici, die niet het “werkelijke beeld” zouden laten zien.
‘Laat ons niet in de kou staan’
“Overal in het land zijn mensen boos”, zegt Boumans. “Want Den Haag spiegelt ons voor: ‘Er zijn geen vluchtelingen meer die opgevangen moeten worden.’ Maar de praktijk is anders, want volgens de wet moeten gemeenten wel degelijk mensen opvangen. Als gemeenten staan we er daardoor alleen voor, terwijl je zou verwachten dat een minister ruggensteun geeft aan de lokale bestuurders, die voor hen de kastanjes uit het vuur halen.”
Hij is vooral kritisch op asielminister Faber (PVV). “Er wordt al negen maanden gesproken over beter beleid, maar in de praktijk zien we er niets van.” Dat burgemeesters en wethouders zelf beter aan hun eigen inwoners duidelijk zouden moeten maken waarom asielopvang nodig is, verwerpt Boumans. “Die gaan voor zo’n groep staan, terwijl de minister urenlang aan het discussiëren is over vijf lintjes. Ze had beter naast die lokale bestuurders kunnen gaan staan om uit te leggen waarom opvang nodig is.”
Concreet wil Boumans dat Faber zich publiekelijk uitspreekt dat de asielopvang in plekken als Sint-Michielsgestel en Bedum nodig zijn, “omdat de minister een opvangvraagstuk heeft”. “Den Haag, ga zij aan zij staan met de gemeentebesturen, laat ons niet in de kou staan.”